De mevrouw van het internetcafe schreeuwde de hele tijd een of andere Afrikaanse taal tegen de telefoon. Ik was op zoek naar een hostel, maar degene die ik daar in de virtuele wereld vond kon ik in de echte wereld niet vinden. En toen ik voor een rustpauze het cafe an Keplerplatze binnenwandelde had ik opeens een hond aan mijn been hangen. Misschien had ik niet boven op hem moeten gaan staan, maar toch. Welkom in Wenen.

Na het kopje groene thee en de teleurstellende tom-pouce-achtige ging het niet veel beter. Ik vond het hostel weliswaar (het had een enorm uithangbord waar ik twee keer onderdoorgelopen ben) maar dat hielp me niet, want het zat vol. Twee anderen zagen er niet zo fijn uit en nu zit ik heel tevreden in de vierde optie. Een goeie douche en een schoonheidsslaapje later een snel rondje Wenen gedaan. Ik moet snel mijn Estse/Russische/Slowaakse uitgavepatroon wijzigen want ik heb in tijden niet zo slecht gegeten en er zoveel voor betaald. Ik was er zo van in de war dat ik meteen maar een flinke fooi gaf.

Ik ben duidelijk weer in Euroland beland. Maar het is fijn om weer in een land te zijn waar je de mensen op straat verstaat als ze (langzaam) met elkaar praten. En er is een rechtstreekse slaaptreinverbinding met Amsterdam. Die ga ik woensdag dus maar nemen. Op mijn kaartje staat dat ik donderdag om 12:27 op Cenraal uitgepoept wordt. Daar kijk ik stiekem toch ook wel een beetje naar uit.