Wenen staat vol met deftige gebouwen. Een hoop historie. Prachtig onderhouden allemaal. Maar op de een of andere manier een beetje leeg zonder die Habsburgers. Het is net of ze hier in Oostenrijk wachten tot de oude heersers weer terugkeren. Tot Wenen weer het centrum van een wereldrijk wordt. Het is allemaal erg echt maar het doet op de een of andere manier een beetje nep aan. Want de macht van het huidige Oostenrijk is… nou ja… niet zo groot…

Neemt niet weg dat het prachtig is. Al die historie. En die kerken. Ik heb nog even een kijkje genomen in de Habsburgse grafkelder en nee, zo’n monument wil ik niet. Ik hoorde trouwens dat ze daar zonder hart in hun kist liggen. Of het waar is weet ik niet, maar de harten van de Habsburgse heersers worden na hun dood ritueel verwijderd en bewaard in een urn in de St. Stephanerdom. Toch nog een barbaars trekje van deze verder zeer roomse familie.

Baksi heeft me nog in Slowakije de tip gegeven om naar het haus des meeres te gaan. Denk ik. Want een andere taal dan Slowaaks sprak ze niet. Maar volgens mij klopten de gebaren wel met wat ik gezien heb. Een grote tweede wereldoorlogse luchtafweergeschuttoren midden in Wenen waar nu een aquariumverzameling in zit. En ook een paar apen en vogels. Best interessant. Maar in Scheveningen zit een mooiere.

Ik heb er wel een hoop foto’s van. Ik heb er een heleboel het net op geflickrt voor de liefhebbers. Ook van het kampvuur op de berg in de ruine. Ik heb geen zin meer om ze bij de juiste stukjes te zetten. Ik ben de hele dag Wenen aan het rondrennen geweest en nu ben ik moe. Ik denk zomaar dat ik goed ga slapen in die trein vannacht. Tot morgen.